Hogere concentraties kooldioxide (CO2) in de atmosfeer van de aarde kunnen de radiocommunicatie verstoren door een versterkend effect in de ionosfeer.
Volgens onderzoekers van de Kyushu-universiteit in Japan, die dit effect voor het eerst numeriek hebben gemodelleerd, kan dit weinig bekende gevolg van klimaatverandering aanzienlijke gevolgen hebben voor kortegolf-radiosystemen, zoals die worden gebruikt voor omroep, luchtverkeersleiding en navigatie.
Dus ook wij radioamateurs zouden deze effecten kunnen gaan merken.
Onderzoeksleider Huixin Liu van de Faculteit der Wetenschappen van Kyushu zegt hier het volgende over:.
“Hoewel de stijgende CO2-niveaus in de atmosfeer het aardoppervlak opwarmen, koelen ze de ionosfeer juist af.
Deze afkoeling is niet alleen maar positief: het vermindert de luchtdichtheid in de ionosfeer en versnelt de windcirculatie. Deze veranderingen beïnvloeden de banen en levensduur van satellieten en ruimtepuin en verstoren ook de radiocommunicatie door lokale kleinschalige plasma-onregelmatigheden.”
De sporadische E-laag
Een van die onregelmatigheden is een dichte maar tijdelijke laag metaalionen die zich tussen 90 en 120 km boven het aardoppervlak vormt. Deze sporadische E-laag (Es), zoals deze bekend staat, is ongeveer 1-5 km dik. En deze kan zich in horizontale richting uitstrekken over tientallen tot honderden kilometers. De dichtheid is overdag het hoogst en bereikt een piek rond de zomerzonnewende.
De vorming van de Es is moeilijk te voorspellen. En de mechanismen die hieraan ten grondslag liggen, zijn nog niet volledig begrepen. De gangbare ‘windschering’-theorie suggereert echter dat verticale scheringen in horizontale winden, in combinatie met het magnetisch veld van de aarde, ervoor zorgen dat metaalionen zoals Fe+, Na+ en Ca+ samenkomen in het ionosferische dynamo-gebied en dunne lagen met verhoogde ionisatie vormen. De ionen zelf zijn grotendeels afkomstig van metalen in meteoroïden die de atmosfeer van de aarde binnenkomen en uiteenvallen op een hoogte tussen ongeveer 80 en 100 km.
Je kunt hier meer over lezen bij Physics World.
Met dank aan Tom PC5D